9 mei 2019

Hoge prijzen weten ondernemers te verleiden tot verkoop bedrijf

Ondernemers zetten hun bedrijf te koop om te profiteren van hoge prijzen op de overnamemarkt, zelfs als ze dat in eerste instantie niet van plan waren. De kopers komen steeds vaker uit het buitenland.

Dat blijkt uit een analyse die adviesbedrijf EY voor het FD heeft gemaakt van meer dan tweeduizend overnames tot een waarde van €500 mln in de afgelopen drie jaar. Hoewel er veel minder bedrijven te koop staan dan er kopers zijn, daalt het aantal transacties niet. De markt is zo goed dat ondernemers die voorheen niet wilden verkopen dat nu wel doen, waardoor het aantal overnames op peil blijft.

De omstandigheden voor overnames zijn gunstig, zegt Jeroen Valk, hoofd van de afdeling fusies en overnames van EY. Lenen is goedkoop en er zijn veel partijen met overvolle kassen op zoek naar rendement. Dat leidt tot een markt met heel veel vraag en weinig aanbod.

Die situatie zou moeten leiden tot een daling van het aantal transacties, zoals op de huizenmarkt is gebeurd. ‘We waren voorbereid op een afkoeling van de markt’, zegt Valk. ‘Maar het blijft ontzettend druk. Dat heeft een hele klassieke reden: nu de markt goed is, zijn er ondernemers die hun geluk willen beproeven. Ze denken dat ze een goede prijs kunnen krijgen.’

Kennis kopen

Kopers jagen met name op bedrijven in de technologie-, media- of telecomsector. Veel bedrijven hebben te maken met snelle technologische veranderingen en zijn daarom op zoek naar technische kennis en werknemers. Die kunnen ze zelf proberen aan te trekken, maar het gaat sneller als ze een bedrijf met de gewenste kennis overnemen.

De hoogste prijzen worden betaald voor bedrijven met een stabiele en voorspelbare kasstroom. Voor dergelijke overnames is relatief makkelijk financiering te vinden. Zo kocht de Nederlandse investeerder Waterland recentelijk communicatiebedrijf Voiceworks, dat communicatiediensten voor bedrijven onderhoudt. Investeerder Parcom nam TAF overlijdensrisicoverzekering over.

Meer buitenlandse kopers

Het aantal kopers uit het buitenland nam de afgelopen vier kwartalen toe, van 74 naar 101. ‘Dat komt enerzijds omdat er meer buitenlandse private equity-partijen in Nederland actief zijn’, zegt Valk. Daarnaast ziet hij ook dat bedrijven uit het buitenland op zoek gaan naar branchegenoten of leveranciers in Nederland om over te nemen. Zo kocht de Franse uitgever Ubisoft onlangs een leverancier in Nederland: serveraanbieder I3D, een overname waar EY zelf bij betrokken was.

Kopers uit het buitenland zagen ze vóór de financiële crisis maar heel af en toe bij Marktlink, een adviesbureau dat bemiddelt bij bedrijfsverkopen tot €200 mln. Nu is het aandeel buitenlandse kopers tussen de 30% en 40%, schat managing director Ferry Nahon. Hij ziet veel kapitaalkrachtige partijen uit Azië op zoek naar mooie mkb-bedrijven, maar ook kopers uit Europa die de markt afstruinen.

Nahon signaleert zowel een stijging in het aantal verkoopmandaten als in het aantal ondernemers dat verkoop overweegt en een kopje koffie komt drinken. ‘Die ondernemers denken: we zitten op het hoogtepunt van de economie. Er komt misschien een dipje aan.’ Dan is het nu een gunstig moment om te verkopen.

Op de bok

Daar komt volgens Nahon bij dat veel ondernemers in Nederland op leeftijd zijn en gaan nadenken over hun opvolging. En de jongere generatie gaat niet meer veertig jaar op de bok zitten. ‘Die vinden het niet raar om na vijf of tien jaar het bedrijf te verkopen.’

In veel gevallen verkopen ondernemers aan private equity-partijen, zegt Nahon. Dan kunnen ze vaak nog bij het bedrijf blijven werken, terwijl ze bij verkoop aan een concurrent meestal na een jaar moeten vertrekken. ‘Dat is wel een heel grote stap voor ze.’

Familiebedrijven

Investeringsfondsen en sectorgenoten zijn niet de enige kopers. Het komt steeds vaker voor dat ondernemers die hun kapitaal vergaarden door hun familiebedrijf groot te maken zoeken naar ondernemingen om over te nemen of een belang in te nemen. Zo stapte de familie Zeeman, bekend van de gelijkmatige textielketen, in kinderdagverblijven en zorgvilla’s. De familie Wintermans van de Agio-sigaren investeerde in 3D-printing van metalen.

‘De families willen zelf ondernemen in een bedrijf dat ze snappen’, vertelt Albert Jan Thomassen, directeur van FBNed, de belangenbehartiger van familiebedrijven. Zo’n drie van de tien grote FBNed-leden heeft de afgelopen vijf jaar een speciaal een single family office opgezet om deze investeringen te beheren, iets waarvoor ze talenten uit de bankenwereld werven.

Marktlink