11 februari 2016 | Tim van der Meer, Partner

Twee keer cashen voor uw bedrijf

De Financiële Telegraaf – ,,Je kunt je bedrijf maar één keer verkopen!’’. Dat klinkt logisch, maar is dat wel zo? Met een zogenoemde pre-exit zijn ondernemers in feite twee keer in staat om de waarde van hun bedrijf te verzilveren. Het aantal Nederlandse ondernemers in het middenbedrijf dat middels deze structuur een transactie tot stand bracht, hebben we de afgelopen jaren fors zien stijgen Het jaar 2015 vormde hierbij tot nu toe een absoluut hoogtepunt. Een goed moment dus om eens stil te staan bij hoe de constructie werkt. Welke ondernemingen zijn hier geschikt voor en wat zijn de voor- en de nadelen?

De trend van de pre-exit is te danken aan het feit dat een ondernemer op meer begrip kan rekenen dan vroeger wanneer hij als verkoopreden geeft dat hij de waarde van zijn bedrijf wil veiligstellen of verzilveren. Vroeger werden deze redenen nog met argwaan begroet, maar de voorbeelden van succesvolle ondernemers die hen zijn voorgegaan zijn inmiddels legio. Met de crisis in het achterhoofd neemt niemand het de ondernemers dan ook meer kwalijk.

Vaak wordt voor een pre-exit een investeerder aangetrokken. Samen met de investeerder investeert de ondernemer in een investeringsholding die het bedrijf koopt. Stel: het bedrijf is 100 waard. Investeerder en ondernemer investeren beiden 25 en er wordt een overnamefinanciering van 50 aangetrokken. Hiermee is de ondernemer in staat om 75 in absolute zekerheid op zijn rekening bij te schrijven, terwijl hij de helft (via de gezamenlijke investeringen BV) van de aandelen in zijn bedrijf houdt.

Groeiplan

Meestal wordt met de investeerder een groeiplan opgesteld om binnen vijf tot zeven jaar een gezamenlijke exit (bijvoorbeeld aan een marktpartij) te bewerkstelligen. De ondernemer kan op die manier samen met een ervaren investeerder èn met financiële rust werken aan het groeiplan, waarbij waardegroei kan plaatsvinden door winstgroei, verlaging van ondernemingsspecifieke risico’s, optimale inrichting van de balansposities en natuurlijk door het vinden van de juiste koper.

Groeiende ondernemingen met een enigszins stabiele en voorspelbare geldstroom lenen zich het beste voor dit soort constructies. Er moet in deze gevallen een behoorlijke bancaire overnamefinanciering worden aangetrokken, die een bank meestal binnen vijf jaar terugbetaald wil zien. Hiernaast moet je als ondernemer bereid en in staat zijn om cabinepersoneel aan boord te laten. Niet alle ondernemers willen dat.

Iedereen baat

Veel ondernemers die een pre-exit overwegen, doen dit in eerste instantie om hun bedrijfswaarde uit de risicosfeer te halen. Hiernaast geldt natuurlijk dat zij mee willen profiteren van de mogelijke upswing in de toekomst, waarbij ze met behulp van een professionele investeerder werken aan een lucratieve groei. De investeerder zal hierbij niet op de bestuurderstoel zitten, maar wel willen kunnen ingrijpen als het mis gaat. Gelukkig hebben ze tijdens de realisatie van het groeiplan hetzelfde doel: Groei en waardecreatie.

Daar is iedereen aan het einde van dit samenwerkingstraject bij gebaat.

Dit artikel is gepubliceerd op DeTelegraaf.nl

Marktlink